Zeven maal om de aarde te gaan
Als het zou moeten op handen en voeten
Zeven maal om die ene te begroeten
Zeven maal over de zeeën gaan
Schraal in de kleren, wat zou het ons deren
Konden uit de dood wij die éne maar keren
Overlijdensgedichten – pagina 45
Als je van iemand houdt
en je bent van diegene gescheiden
kan niets de leegte vullen
je moet dat niet proberen
maar het is ook een grote troost
want zolang de leegte werkelijk leeg blijft
blijf je daardoor met elkaar verbonden
Waarom jij, blijft een vraag
tot op de dag van vandaag
het gemis is niet te omschrijven
het verdriet doet pijn
maar het voelt goed dat zoveel mensen
meeleven en er voor ons zijn
Zo spreekt het koren tot het brood:
Wij waren klein en worden groot
Zo spreekt de regen tot het woud:
Wij waren jong en worden oud
Zo spreekt de wereld duizendvoud:
Wij waren sterk en worden oud
Zo kleurt de avond donkerrood
Zo roept de waterval de boot
Wij waren jong en we gaan dood
Het doet zo'n pijn, de machteloosheid, het
verdriet
het bevatten en geloven kunnen wij nog steeds
niet
het waarom en waarom jij doet er niet meer
toe
we moeten nu ook al zonder jou, maar weten
niet hoe
Een moeder is het mooiste wat je hebt gekend
afzien en hard werken was je gewend
maar deze ongelijke strijd kon je niet aan
en voor ons ben je te snel naar vader gegaan
Rust maar zacht, je hebt je best gedaan
weet dat je nooit uit onze gedachten zult gaan
Nu is voor haar de strijd gestreden
nu is voor haar de tocht volbracht
haar Vader die haar riep te komen
heeft haar nu bij de hand genomen
en veilig Thuis gebracht
"Samen tot aan de drempel"
Elke dag een stapje dichter naar het eind
Elke dag een beetje van je kracht verkleind
Elke dag wat zwaarder wat je torsen moest
Doch al wetend.... eens komt alles goed
We only part to meet again
though mighty boundless waves may sever
remembrance oft shall bring you near
and I will with you go forever
And oft at midnight's silent hour
when brilliant planets shall guide the ocean
your name shall rise to heaven's highest star
and mingle with my soul's devotion
Alles waar je echt van houdt
zal je warmte blijven geven
ook al is het niet gebleven
of geworden wat je wou
het blijft altijd een deel van jou
en een stukje van je leven
— Ria Schut-Diks
Onze oma is nog helemaal niet oud
ze heeft een groot hart van goud
met haar blonde haren
grijze ogen om mee te staren
haar gezonde wangen
een ziel nog vol verlangen
natuurlijk haar rode lippen
aan zo'n oma kan toch niemand tippen?
Niets was te gek of te veel
ze deed volop met ons mee
dááág lieve oma, rust nu maar in vree!
We hadden het zo fijn
Ik besef het wel, ook al ben ik nog zo klein
We hadden nog zoveel moeten doen
Opa, een hele, hele dikke zoen
Mijn vader sterft: als ik zijn hand vasthoud
voel ik de botten door zijn huid heen steken
ik zoek naar woorden, maar hij kan niet
spreken
en is bij elke ademtocht benauwd
Dus schud ik kussens en verschik de deken
waar hij met krachteloze hand in klauwt;
ik blijf zijn kind, al word ik eeuwig oud
en blijf als kind eeuwig in gebreke
Wij volgen één voor één hetzelfde pad
en worden met dezelfde maat gemeten;
ik zie mezelf nu bij zijn bed gezeten
Straks is hij weg, en heeft hij nooit geweten
hoe machteloos ik hem heb lief gehad
Zoveel soorten van verdriet ik noem ze niet
Maar één, het afstand doen en scheiden
en niet het snijden doet zo'n pijn
maar het afgesneden zijn
De pijn is iets minder scherp
het doet misschien iets minder zeer
Het missen wordt niet minder
maar steeds een beetje meer
Heel langzaam gingen wij je verliezen
Slechts wij konden nog voor je kiezen
Je stille blik deed ons vaak zeer
Onze moeder was je al lang niet meer
En nu je echt bent heengegaan
Kunnen wij je alleen maar danken
Voor alles wat je voor ons hebt gedaan
Je droomde van een lied dat je ooit hoorde
Een lied dat zong van mooie oorden
"Ik zie een poort wijd open staan"
Die poort ben jij nu doorgegaan