Wie een kluitje heeft, heeft er graag een turfje bij.
Als je weinig bezit, dan wil je graag je bezit vergroten.
Spreekwoorden met de W β pagina 4
Wie een kuil graaft voor een ander, valt er vaak zelf in
Als je een ander een loer wilt draaien, dan wordt je vaak zelf een loer gedraaid.
Wie een pit wil hebben, zal eerst de noot moeten kraken
Om een zeker resultaat te behalen, moet je eerst veel werk verzetten.
Wie een vuile neus heeft, mag zich snuiten
Als je de schuldige bent, voel je dan aangesproken.
Wie gauw gelooft, is gauw bedrogen
Vertrouw niet te snel op wat een ander zegt.
Wie geeft wat hij heeft, is waard dat hij leeft
Als je mensen die het minder hebben helpt, ben je een waardig persoon.
Wie gekheid zaait, zal dwaasheid oogsten
Als je zelf verkeerde stappen zet, zal je ook last hebben van andermans domme stappen.
Wie geleerd wil worden, moet vroeg opstaan
Als je veel kennis en inzicht wil vergaren, moet je er veel voor doen en veel voor laten.
Wie God bewaart, is wel bewaard
Gods vleugels bieden je bescherming.
Wie goeddoet, goed ontmoet
Als je anderen goed doet, wordt je zelf ook goed behandeld.
Wie heeft, zal gegeven worden
Als je op een bepaald moment iets in je bezit hebt, dan zul je ook steeds meer (ervan) gaan bezitten. = Heb je wat, dan krijg je wat
Wie het altaar bedient, moet van het altaar leven
Van het werk dat men doet, moet men ook kunnen leven.
Wie het breed heeft, laat het breed hangen
Als je veel geld hebt, kun je ook veel uitgeven.
Wie het eerst komt, wie het eerst maalt
Als je je vroeg meldt, dan heb je tenminste ook zeker wat.
Wie het eerste ruikt die heeft zijn gat gebruikt
De persoon die in aanwezigheid van anderen het eerst een windje opmerkt, heeft hem vaak zelf gelaten.
Wie het gevaar bemint, zal erin vergaan
Pas op voor onnodige gevaren, het kan je einde wel eens worden.
Wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd
Als je niet tevreden kunt zijn met weinig, dan ben je het grote ook niet waard.
Wie het kruis heeft, kan zich zegenen
Als je ergens voordeel van kunt krijgen, doe dat dan ook.
Wie het onderste uit de kan wil hebben, krijgt het lid op de neus
Als je alles wilt hebben, bereik je vaak juist niets. Het is daarom goed om met wat minder genoegen te nemen.
Wie het vuur wil hebben, moet ook rook verdragen
Als je iets wilt hebben, dan moet je ook de daarmee gepaard gaande nadelen accepteren.
Wie hoog klimt die valt laag
Hoe meer aanzien en status, des te meer men kan verliezen.
Wie hoog klimt kan ver kijken
Als je ergens veel kennis van vergaat, krijg je er ook een goede visie over.
Wie hoog vliegt, kan diep vallen
Als je helemaal bovenaan de top staat, kun je ook gemakkelijk gezichtsverlies leiden / omvallen.
Wie in een glazen huis woont, moet geen stenen op buurmans dak gooien
Heb geen kritiek op anderen als jezelf ook (vele) verwijten zijn te maken.
Wie kaatst, moet de bal verwachten
Als je andere mensen bedriegt of onprettig behandeld, verwacht dan dat je zelf ook zo zal worden behandeld.