Direct naar de inhoud

Mijn trouwe hond

Een steun voor mij in voor en tegenspoed.
Is blij als ik thuis kom iedere dag weer.
Begroet me vrolijk met een blije snoet,
loopt kwispelend achter me aan.
Het enige wat zij graag van mij wil,
is een lekker eind met haar wandelen gaan.

— Droomster

Meer dieren gedichten

Foei poes

Foei poes!
Wat moet ik,
toch met jou beginnen.......
je neemt mijn hele deken in beslag
Zodra je naar je eigen plaatsje moet,
draai jij ondeugend je kopje weg
en gaat rustig door met spinnen!

— Droomster

Bekijk

Twee Eekhoorntjes

Zacht en klein;
Een prachtig rood bruine kleur;
Een vacht als goudbruine likeur.

Een sierlijke pluimstaart;
Wollig, fier recht omhoog, zo gewoon;
Springt hij op een tak in de boom.

Vlak voor mij op het pad
rent ook nummer twee;
Ze gaat met haar vriendje mee.

Razend snel en vrolijk
Rennen ze door het bos
Over het het pad en het zachte mos.

Klimmen kunnen ze als de beste,
Terwijl de zon schijnt
In het westen.

Men ziet ze bezig,
Heel handig met twee pootjes;
Daarmee eten ze hun dagelijkse portie nootjes.

Heel zacht en voorzichtig
Leg ik mijn eigen nootjes neer;
Wie weet, misschien komen ze dit keer.

Ik loop een stukje achteruit
en wacht tot dat ze beneden komen.
Ze stellen mij niet teleur en de buit wordt meegenomen.

Een schitterend schouwspel zo iets mee te maken.
twee eekhoorntjes in het bos
Die mijn nootjes kraken.

— Willem Bernardus Tijssen

Bekijk

Een Leeuwendeel

De manen van een leeuw maken hem
Groter en markanter, tegelijk ook
Interessanter; ze accentueren de volheid
Van zijn vacht, geven hem iets van zijn
Mannelijke Kracht. Ze kronen hem tot koning van
De Dieren en geven hem iets extra's om te
Vieren.

Dat wat de leeuwin mist, heeft de natuur de
Leeuw niet betwist. Zijn het de manen die
Hem de legitimiteit verschaffen om in de natuur
Een winnaar te zijn?; hem hebben uitverkoren
Uit te groeien tot een icoon van volkeren
Groot en klein?

Zo wapperen zijn manen fier op vaandel en
Vlag tot glorie van menig natie en uiterlijk gezag.

— Willem Bernardus Tijssen

Bekijk

Blindengeleidehond

Een blindeman wandelt met aan het andere eind
Van de lijn een hondje dat zijn geleider moet zijn.
Het hondje is misschien in grootte nogal klein,
Maar in zijn grootsheid is het zoals het moet zijn.

Het heeft geen woorden, het kan niet praten,
Maar zijn gevoel geleidt de blinde door alle straten.
Het hondje ziet waarin het zijn baas geleiden kan,
En het vermijdt gevaren zo goed het oordelen kan.

Zo vindt de viervoeter in een gehandicapt
mensenbestaan een zeer gewaardeerde
Hondenbaan.

— Willem Bernardus Tijssen

Bekijk