Nu hou je van kaboutertjes
of van een lieve fee
maar als je later groot bent
neem dan dit album mee
en denk dan met een diepe zucht
wat was ik toen nog klein
ik kende nog geen zorgen
dan op tijd naar school en
een blij gezicht voor morgen
Poëziealbumversjes – pagina 33
Pak heel veel zonnestraaltjes
en doe alsof je ze spaart
Maak van je hart een doosje
waarin je ze bewaart
Want met heel veel zonneschijn
ben je rijker dan met goud
Je zult dan heel gelukkig zijn
omdat een ieder van je houdt
Jij kleine guit
....(naam)...., jij kleine guit
met je ondeugende snuit
Wil je om mij te plagen
een versje komen vragen
Nu dan, mijn lieve kind
hier zoals je nergens vindt
Hoe ik ook maar verzin
ik weet niet hoe ik begin
Daarom tot besluit
een zoentje op je snuit
Doe als kind je kleine plichten
Wees gehoorzaam, lief en goed
Wees geduldig en tevreden
Altijd blij en welgemoed
Want bedenk, je bent nog klein
Maar eens zal je groter zijn
Wie als kind zijn plicht niet doet
Doet het later ook niet goed
Wat ik voor jou hoop
Is voor geen geld te koop
Voor geen miljoen per stuk
Want dat is héél veel geluk
Drie vogels in een notenboom
Hadden een wondermooie droom
De één werd prins van pralen
De ander graaf van gralen
De derde bleef een vogel klein
En vloog in ...(naam)'s.... raamkozijn
Om haar een bloem te geven
Die heet "Gelukkig Leven"
Kees Keeshond wil geen hond meer zijn
hij zei: ik word een heer
zoals mijn baas met vest en jas
een hoedje en zo meer
en aan mijn poot hang ik een stok
waarmee soms heren lopen
en als ik een winkel zie
ga ik een pijpje kopen
Maar toen zag die Kees een poes
en was hij toch weer hond
sprong blaffend, bijtend door de tuin
de aarde vloog in het rond
Ach ...(naam)..., dat houdt niemand vol
je valt dan net als Kees Keeshond
heel spoedig uit je rol
Bezie de dingen steeds van de zonnige kant
Aan zuurpruimen en zeurkousen
heeft iedereen gruwelijk het land
Hoop altijd maar op 't beste
Wat het leven je ook biedt
Wat morgen kan gebeuren
Hindert vandaag nog niet
Zul je in je leven
Steeds opnieuw weer liefde geven?
Steeds opnieuw en nooit genoeg
Aan de zwakken
Aan de sterken
Aan wie rusten
Aan wie werken
Ook aan wie er niet om vroeg
Zoveel sterren als er 's avonds
aan de heldere hemel staan
Zoveel druppels als er in een
vat van grote inhoud gaan
Zoveel goede wensen heb ik
in dit boek voor jou gedaan
Wanneer je op een stil moment
Eens door je album bladert
En dan zo menig dierbaar schrift
Hier voor je ziet vergaderd
Als je je ogen openslaat
En je mij niet meer ziet
Bekijk dan deze regels
Als een vergeet-mij-niet
Blauw blauw blauw
Ik schrijf een versje voor jou
Rood rood rood
Ook jij wordt groot
Groen groen groen
Misschien heb je later veel poen
Geel geel geel
Ik gun je heel veel
Lief lief lief
Blijf dat je verdere leven alsjeblieft
Er was eens een heel klein beertje
dat beertje heette Poeh
Het was een grappig beertje
zonder al teveel gedoe
Hij zit hier op het plaatje
zijn vriendjes zijn erbij
Hij maakt heel graag een praatje
en weet je wat hij zei?
Ik ken een heel lief meisje
...(naam)... is haar naam
Ik zing voor haar een wijsje
omdat ik in haar poëzie mag staan
Wat er ook gebeurt in het leven
Wat je pijn doet of je drukt
Wat je stil verdriet mag geven
Bij een streven dat niet lukt....
Meisje, houd de moed erbij
Kind lief, zoek de zonnezij
Wat je ergert of je hindert
Mensen hier en dingen daar
Wat je goede zin vermindert
Wat je zorg geeft of bezwaar
Meisje, houd de moed erbij
Kind lief, zoek de zonnezij
Op de hoek van de Berenstraat
staat een "Wees-Vrolijk-Automaat"
Je stopt er een kwartje in en dan
word je zo vrolijk als het maar kan
Je danst en zingt de hele dag
zelfs als je niet dansen en zingen mag!
Waarom ik dan zo kribbig kijk
ik ben vandaag geen kwartje rijk
En trouwens, ik vind het wel zo fijn
om als ik kribbig ben, kribbig te zijn