Doe je werk met lust en ijver
Ook al doet je hartje soms pijn
Probeer ook in je droeve dagen
Het zonnetje in huis te zijn!
Poëziealbumversjes – pagina 36
Wees thuis een zonnestraaltje
Op school een aardig kind
Dan word je vast en zeker
Door iedereen bemind
Ik zag eens in een laan
een motorfietsje gaan
Het hield bij ....(achternaam).... stop
want ....(voornaam).... zat erop!
Als ik je iets kon geven
gaf ik je een abonnement
op een heel lang leven
waarin je gelukkig bent
Assepoester en Sneeuwwitje
Bulletje en Bonestaak
Tovervrouw en Doornroosje
Hans en Grietje en Klaas Vaak
Piet de Smeerpoets en Klein Duimpje
De familie Piggelmee
Zelfs Jan Klaassen en Katrijntje
De Godinnetjes met de fee
Allen zingen het refreintje
In het grote sprookjeskoor:
Veel geluk en liefs voor ....(naam)....
Zonneschijn en voorspoed hoor!
Blijf jij maar zoals je bent
een leuke spring in 't veld
Dan is, dat weet ik zeker
iedereen op jou gesteld
Als je me later soms nodig hebt
aarzel dan niet en geef me een seintje
Ik kom op de step, de fiets of de brommer
of desnoods met het boemeltreintje
En zit je in Parijs of Rome
dan zal ik met het vliegtuig komen
Eén, twee, drie
ik schrijf in poëzie
Vier, vijf, zes
hieronder mijn adres
En zeven, acht
opdat je later lacht
Als, negen, tien
je hier mijn naam zult zien
't Zit 'em niet in mooie kleren
en niet in een fraai gedicht
't Zit 'em, weet je, in het leven
in een opgewekt gezicht
Heel veel plezier
en soms een traantje
Heel veel zon
en soms een maantje
Meestal wakker
en soms wel eens moe
En een heleboel vrienden
dat wens ik je toe
Wie steelt is een dief
hij moet zitten op een latje
met 100.000 spijkers in zijn gatje
tot hij roept: "genade Heer"
o, wat doet mijn gatje zeer
Zie hier mijn gedichtje
...(naam).... lief, zie hier mijn gedichtje
opgemaakt bij 't lampelichtje
Wees opgeruimd en flink gezond
en doe je huiswerk altijd prompt
Dan wacht je op een zekere tijd
een flinke vent, mijn beste meid
'k Heb op dit blaadje zitten turen
van 's morgens vroeg tot 's avonds laat
Ik liep bij vrienden en buren
doch niemand gaf mij goede raad
Ik wist niet wat ik erop moest schrijven
mijn razernij steeg toen ten top
Ik liet het blaadje een blaadje blijven
en schreef alleen mijn naam erop
Heb je een boze bui?
Geef hem dan maar ontslag
Heb je een zuur gezicht?
Zeg het dan maar gedag
Heb je alleen maar pech?
Wuif het dan weg met een lach
Dan maak je van elke nieuwe dag
Een fijne dag!
Ik wens je op je levenspad
veel zon en weinig regen
Dan gaat het vast goed, mijn kind
en daar is niets op tegen