Overlijdensgedicht: βWat vreemd dat jij er niet zult wezenβ
Wat vreemd dat jij er niet zult wezen
wanneer ik weer naar huis zal gaan
jij zult niet meer in de kamer staan
en mij omhelzen als voor dezen
Ik zal nooit meer, als je zat te slapen
boven een boek of boven de krant
het blad dat glipte uit jouw hand
glimlachend van de grond oprapen
Ik zal nooit jouw "goedenacht" meer horen
of het gestommel op de trap
wanneer jouw trage, moede stap
de morgenstilte kwam verstoren
O, die vertrouwde kleine dingen
die jij zo onopvallend deed
die zal ik missen, totdat dit leed
verstild is tot herinneringen
Vind je dit gedicht mooi? Geef het een hartje.
Meer overlijden & rouw gedichten
Als je ouder wordt en niet meer weet waar je
bent
Als je mensen ziet maar ze niet meer herkent
Je niet meer bewust bent van liefde en pijn
Dan zal de eeuwige rust een verlossing zijn
We hadden het zo fijn
Ik besef het wel, ook al ben ik nog zo klein
We hadden nog zoveel moeten doen
Opa, een hele, hele dikke zoen
Wie zal mijn tranen drogen?
Vol verdriet schreeuw ik je naam naar de
horizon
De dag is als een grauw gordijn
Mijn toekomst vol beloftes is verdwenen
Wie zal de barsten helen
En ze strelen tot ze niet meer pijnlijk zijn?
"De herinnering is het "Paradijs"
waaruit niemand verjaagt kan worden"
— Hans van den Berg