Natuurgedicht: ‘Wandelen zonder doel’
Wandelen zonder doel is niet doelloos.
Je loopt de drukte uit je hoofd,
de wind neemt over wat je meedroeg,
en ergens onderweg — tussen de bomen —
kom je jezelf weer tegen.
De natuur repareert niets met woorden.
Ze doet het met ruimte.
Vind je dit gedicht mooi? Geef het een hartje.
Meer natuur gedichten
De zee begint steeds opnieuw,
golf na golf, dag na dag.
Wie aan het strand zijn zorgen loopt,
vindt ze terug als schelpen: klein en licht — met een glimlach.
Regen tikt zacht op het raam,
de wereld wordt gewassen.
Straks ruikt het gras naar nieuw begin
en glinsteren de plassen.
De bomen strooien met hun goud
alsof het niets kost, kwistig, blij.
Zo gul is alleen de herfst:
hij maakt de wereld rijk — gratis erbij.
Kijk: aan de kale takken
zitten kleine groene vuisten klaar.
Ze wachten op één warme week
en dan ontploft het voorjaar.