De duivel schijt altijd op de grootste hoop
Wie veel geld heeft wordt door geluk en toeval steeds maar rijker.
Spreekwoorden met de D β pagina 2
De een is wijzer in zijn kleine pink dan de ander in zijn hele lijf
De een is dom, dan ander juist heel slim; de tegenstelling tussen twee mensen voor wat betreft intelligentie kan groot zijn.
De een mag een koe stelen, de ander mag nog niet over het hek kijken
Er is vaak sprake van een niet eerlijke verdeling, de een krijgt veel, de ander maar weinig (terwijl men evenveel recht heeft).
De een moet je betalen, de ander moet je geld geven
Als je het geld toch moet uitgeven, maakt het niet zoveel uit bij wie het dan terecht komt.
De een scheert schapen en een ander varkens
De ene mens heeft meer dan de andere.
De een traag, de ander graag
Wat de ene mens niet kan waarderen, dat waardeert de andere mens juist wel.
De een zaait, de ander maait
Je krijgt niet altijd wat je toekomt, soms krijgt juist een ander het.
De een zijn dood is de ander zijn brood
Als iemand dood gaat, of een zaak of bedrijf kapot gaat, zal een ander daar profijt van trekken.
De eerste klap is een daalder waard
Het (snel) opstarten van iets is vaak al het halve werk.
De eersten zullen de laatsten zijn
Als je hebberig bent of jezelf voorop stelt (ten koste van een ander), dan zul je vaak juist naast het net vissen.
De ene dienst is de andere waard
Wie een ander een dienst verleent, mag er een terug verwachten.
De ene hand wast de andere
Als je elkander helpt, word je er allebei beter van.
De ene kraai pikt de andere de ogen niet uit
Boeven stelen niet van andere boeven.
De ene mens, is de andere niet
Alle mensen verschillen van elkaar.
De ganzen krijgen de kost, maar zij moeten die plukken
Je loon krijg je, maar juist door er voor te werken.
De geest is gewillig, maar het vlees is zwak
Men is seksueel niet altijd loyaal aan de partner (hoewel men dat wel zou willen).
De gekken krijgen de kaart
Het geluk komt (altijd weer) de dommen toe.
De geschiedenis herhaalt zich
Bepaalde dingen gebeuren steeds opnieuw in de geschiedenis.
De goeden moeten de kwaden lijden
Mensen die kwaad stichten laten de mensen die niets hebben gedaan daaronder lijden.
De goeden moeten onder de kwaden lijden
Mensen die kwaad stichten laten de mensen die niets hebben gedaan daar vaak onder lijden.
De haan kraait het hardst op zijn eigen mesthoop
In eigen omgeving durven mensen vaak wel hun mond open te doen of lef te hebben, maar daarbuiten doorgaans maar weinig.
De Heer heeft rare kostgangers
Er lopen rare mensen op deze aardbol.
De heler is zo goed als de steler
Als je iets koopt wat gestolen is ben je net zo slecht als de dief zelf.
De hemel geeft, wie vangt die heeft
Je moet zelf wat van het leven maken.
De hinkende bode komt achteraan
Het is niet verstandig om al te vroeg te juichen.