Een meisje vrolijk
Zo vriendelijk als jij
Verdient wel een versje
Met een plaatje erbij
In heel weinig woorden
Schrijf ik hier een wens:
Blijf een aardig meisje
Word maar een gelukkig mens
Poëziealbumversjes – pagina 18
Er waren eens zeven kaboutertjes
Dat waren zulke stoutertjes
Ze plukten bloempjes zo klein
Die zullen vast voor ....(naam).... zijn
Ik plak hiernaast geen plaatje
Maar wel een klein portret
Dan weet je later wie het was
Die haar naam hier zet
Ik wou rijmen
Maar het wou niet lukken
Beet mijn liniaal in stukken
Goot pardoes de inktpot leeg
En kneep mijn penhouder tot deeg
Tenslotte is er toch een rijm gekomen
Wie had dat ooit durven dromen?
Toen je mij vroeg in je album te schrijven
ben ik meteen naar mijn tuintje gegaan
En plukte daar een handjevol bloemen
waarvan er nu drie op dit albumblad staan:
Het blauwe viooltje, symbool van trouwheid
en tevens de troostende witte margriet
En opdat je ook nog eens aan mij zult denken
tenslotte de kleine vergeet-mij-niet
Als je in je leven
zorgen tegenkomen mag
Wees dan fier en dapper
en trotseer ze met een lach
Maar als je echt in nood zit
en je geen uitweg ziet
Wend je dan tot je echte vrienden
want die vergeten je niet!
Er zijn van die dagen
Dat je best zou willen klagen
Verzamel dan alle moed
Lach! En alles komt weer goed!
Op vaders wagen tussen kool en biet
....(naam).... zat op vaders wagen
tussen kool en biet
alles is te koop, riep vader
maar mijn ....(naam).... krijg je niet!
Rozen mogen lieflijk bloeien
maar hoe snel verwelken zij
't Is de bloem van liefde en vriendschap
die bloeit in ieder jaargetij
Al ben je klein
Je kunt wat zijn
Je hebt wat weg te geven
Een lach en een knik
Een lieve blik
Doet wonderveel in 't leven
Ik weet niet wat te schrijven
Maar zo leeg kan 't blaadje toch niet blijven
Daarom schrijf ik dit erin:
Heb altijd goede moed en zin
In de bloeitijd van je leven
kom ik jou dit blaadje geven
dat mijn korte wens bevat:
leef nog lang, gezond, tevreden
vind waar ook je voet mag treden
trouwe vrienden op je pad
In mijn tuintje zat een kabouter
En dat grappige ventje zei:
Als je een poëzieversje gaat schrijven
Groet ....(naam).... dan ook van mij
Ga steeds door het leven
als een blij en zonnig kind
dat aan de zwarte wolken
steeds een zilveren randje vindt
Laat je geen angst aanjagen
door wolken zwaar en grauw
zoek liever zonder klagen
naar kleine stukjes blauw
Mijn versje wil niet lukken
Hoe ik het ook probeer
En daarom schrijf ik maar gewoon
Als groet mijn naam hier neer