Nu is het zo stil.
Nu is het zo stil.
Onze lieve hond Withny,
moegestreden en langzaam
van ons weggegleden.
Jij, die ons altijd zoveel
vreugde en blijdschap bracht.
Wij herinneren jou,
als een lieve hond die
ons altijd verwelkomde
met een zachte blaf.
De jeugdjaren met onze kinderen,
altijd vrolijk deelde.
De vriendschap die jij ons gaf.
Nu is het zo stil
Rust zacht lieve Withny.
— Droomster
Meer dieren gedichten
Pijnlijke mededeling
Pijnlijke mededeling
De visfilet was heerlijk
maar die wond in mijn keel
alsof de vis
mee wilde delen
wat het is....
— Coby Poelman - Duisterwinkel
Een witte dood
zag de
mieren vliegen
meeuwen zeilen
hemelhoog
een snelle wenk
onzichtbaar
vond gevleugeld
zwart een witte dood
waar warmte
eindelijk expansie gaf
en vrijheid los
van aarde was
gingen zij
met duizenden op
laatste vlucht de meeuwen
hebben dagenlang gerust
— Wil Melker
Klinkt In Heldere Vogeltaal
Wie zit daar hoog in de bomen
Van een zangcarriere te dromen?
Wie ziet zich nu al reeds staan
Op een podium in de scala te Milaan?
Wie produceert 's ochtends vroeg uit
gouden keel de hoogste noot?
Wie wekt wat leeft tussen boomkruin
En op de waterlelies in een boerensloot?
Is het de spreeuw, mees of leeuwerik?
Is het de duif, uil of zwezerik?
Nu, hoog op tak zie je haar voorover
Buigen; klinkt in heldere vogeltaal
De zuivere ochtend roep van de nachtegaal,
Die zich voorneemt dat wat leeft tussen
Boomkruin en boerensloot van haar kunnen
Te overtuigen; in haar exercitie van toonladders
En vooroverbuigen.
Ja, hoog op de tak treedt
Zij reeds op; in ware verrukking voert
Zij zichzelf naar de top. Zij die van
Eigen kunnen zo bewust de wereld in
Vrede wakker kust.
— Willem Bernardus Tijssen
Mijn Kat Uit De Maand Mei
Dat is mijn kat, dat is die kat uit de maand mei
Die daareven schijnbaar onverschillig aan mij zat;
Die spinnend, spottend en spiedend mij op de
Korrel nam.
Dat is mijn kat, dat is die kat uit de maand mei
Die daareven met haar vrijage mij op de proef nam;
Die kirrend, krabbend en kwispelend op mijn schoot
Tot rust kwam.
Dat is mijn kat, dat is die kat uit de maand mei
Die daareven met het groen van haar ogen mij
Heeft bewogen; die met haar blik uit verre oorden
Mij nog steeds laat blozen.
Dat is mijn kat, dat is die kat uit de maand mei
Die daareven met haar fiere frisheid mij in haar
Gevangen hield; die kat uit mei voor wie ik definitief
Ben geknield.
— Willem Bernardus Tijssen