Jij die zich gracieus voortbeweegt
Ik volg jou.
Ik aanbid jou.
Jij prachtige vlinder.
Jij die zich gracieus voortbeweegt.
Jij die mij zonder woorden vertelt,
in wat voor een wonderlijke wereld
ik leef.
— Ingrid van der Weegen
Meer dierengedichten
Foei poes
Foei poes!
Wat moet ik,
toch met jou beginnen.......
je neemt mijn hele deken in beslag
Zodra je naar je eigen plaatsje moet,
draai jij ondeugend je kopje weg
en gaat rustig door met spinnen!
— Droomster
Kracht
De paarden renden in galop
Uitgelaten in de grote wei
Rennend, springend, vrij
Verleidden ze mij tot een stop
Ik keek naar hun kleuren
Zag de fiere manen staan
Trokken zij zich van mij iets aan
roken zij soms mensengeuren?
Ze gaan met snelle benen
Elegant over het veld vol gras
Slechts een moment dat ik er was
Maar dat beeld is nooit verdwenen
— JosΓ© van Rosmalen
Mijn Zangvogel
Een zangvogel rondde zijn vlucht
om de aarde. Iedere dag luisterde
Het mijn dag op met zijn wellustig gezang.
Op een dag vloog het van mij weg
En bij het strekken van zijn vleugels
Wist ik mijn zangvogel gaat weg
Voor eeuwig lang. En ik voelde
Bezit heeft geen enkele waarde,
Wanneer je je vriend verliest op aarde.
Maar mijn zangvogel verloor niet
Zijn plaats onder het eeuwige licht.
Op de vleugels van de wind kwam het
Van verre en bereikte het een land
Als op een vergezicht. Het vond er zijn
Plaats tussen een flora in prachtige kleuren.
Het vond er zijn vrede tussen het fauna onder
De zon. Het wist er het paradijs met zijn gezang
Op te beuren en dolende zielen te winnen,
Zoals het ooit de mijne won.
En als het eens stil is om mij heen,
Hoor ik mijn zangvogel in gedachte
Fluiten. En weet dat er ergens buiten
Vanuit een ver exotisch land een zangvogel
Ergens dicht bij mijn ziel is aangeland
— Willem Bernardus Tijssen
Blindengeleidehond
Een blindeman wandelt met aan het andere eind
Van de lijn een hondje dat zijn geleider moet zijn.
Het hondje is misschien in grootte nogal klein,
Maar in zijn grootsheid is het zoals het moet zijn.
Het heeft geen woorden, het kan niet praten,
Maar zijn gevoel geleidt de blinde door alle straten.
Het hondje ziet waarin het zijn baas geleiden kan,
En het vermijdt gevaren zo goed het oordelen kan.
Zo vindt de viervoeter in een gehandicapt
mensenbestaan een zeer gewaardeerde
Hondenbaan.
— Willem Bernardus Tijssen