Als bomen zie ik mensen.
Door blindheid was ik geslagen
en kon totaal niets zien,
ik taste in het duister
of daar een helper was misschien?
Ik verlangde zo naar heling,
verlangde zo naar Licht,
maar donker was mijn weg
mijn pad was zonder zicht.
Mijn donkere ogen huilden,
mijn tranen vloeiden voort,
mijn stem riep om genezing
of daar iemand naar mij hoort?
Toen plotseling in mijn duister
een hand die raakt mij aan,
een stem doorbrak mijn blindheid;
"Ik wil nu naast je gaan".
"Ik wil dat je gaat kijken,
vertel Mij wat je ziet?"
Als bomen zie ik mensen,
maar goed zien kan ik niet!
Opnieuw werden mijn ogen
bedekt met Kracht van Hem
en langzaam kwam er schijnsel
bij de Volmacht van Zijn Stem!
Nu kan ik echt goed kijken
en Licht schijnt om mij heen,
nu zie ik Hem Die heelde;
't is Jezus, ja Hij alleen!
— Els Hengstman-van Olst