Gods hand slaat en heelt
God laat zowel slechte als mooie dingen gebeuren in het leven.
Spreekwoorden met de G β pagina 4
Gods molens malen langzaam, maar zeker
God zal je uiteindelijk altijd beoordelen op je daden.
Gods wegen zijn duister en zelden aangenaam
God zal met je afrekenen, als je slechte daden verricht, al is dan nog niet duidelijk hoe en wanneer.
Gods wegen zijn ondoorgrondelijk
God krijgt alles gedaan wat hij wenst, en hij is soms maar moeilijk te bevatten.
Goed begin, goed einde
Wanneer men werk goed aanpakt, zal men het meestal ook goed afronden.
Goed begonnen, half gewonnen
Wanneer men aan het begin iets goed overdenkt en een plan maakt, zal men het werk gemakkelijker en beter voltooien; een goed begin is het halve werk.
Goed gereedschap is het halve werk
Als je goede middelen hebt om mee te werken, gaat het werk veel vlotter en beter.
Goed gezeept is half geschoren
Een goed begin maakt werk half gedaan.
Goed recht behoeft dikwijls een goede hulp
Men schakelt vaak deskundigen in, om recht te halen.
Goed voorbeeld doet goed volgen
Als men het goede voorbeeld krijgt, dan volgt men het zelf ook op.
Goed voorgaan doet goed volgen
Als men het goede voorbeeld krijgt, dan volgt men het zelf ook op.
Goede ankergrond is de beste grond
Met zekerheid over je baan en je inkomen ben je het beste gediend.
Goede hekken maken goede buren
Het is goed om je buren niet bij je op schoot te hebben, dat voorkomt problemen.
Goede raad is goud waard
Het is moeilijk om de juiste raad te vergaren.
Goede waar prijst zichzelf
Als iets echt van goede kwaliteit is, dan is reclame niet nodig, want dan verkoopt het zichzelf wel.
Goede wijn behoeft geen krans
Iets wat goed is, hoeft niet nader onderbouwd te worden met lovende woorden.
Goedkoop is duurkoop
Als je iets goedkoops koopt, ben je vaak juist duur uit vanwege de matige kwaliteit ervan.
Goesting is goesting
Over smaak kan men niet twisten.
Groot schip, groot water
Een groot gezin kost zijn geld.
Grote heren hebben lange armen
Zij die veel aanzien en macht hebben, hebben gemakkelijk overal een vinger in de pap.
Grote honden bijten elkaar niet
Mensen die slecht van karakter zijn, bejegenen andere slechterikken nooit slecht.
Grote lantaarn, maar klein licht
Mensen die helemaal niet kundig zijn, hebben vaak wel de meeste babbeltjes.
Grote vissen eten kleine vissen
Een rijk mens verdient het vaak over de rug van de armen.
Grote vissen scheuren het net
Als je macht hebt, kun je je ook veel permitteren.
Gunst baart nijd
Als je iets hebt of kan, wat een ander niet heeft of kan, dan sorteert dat vaak afgunst bij een ander.