Kerst gedichtje: βIk hoorde hoe de klokken speeldenβ
Ik hoorde hoe de klokken blij
het oude kerstlied speelden
zij zongen vol vuur
in 't nachtelijk uur
van vrede op aarde en welbehagen
Meer kerstgedichten
Kerstfeest is het feest van warmte
Kerstfeest is het feest van warmte
aan het einde van het jaar
Kerstfeest is het feest van warmte
heel dicht bij elkaar
Kerstmis
Kerstmis zie je hier en daar
daar zie je de glimlach van ieder mens
dat weer blij is dat het tijd is voor een wens
onder de kerstboom liggen duizend pakjes
er is ook een mooi kerst diner
met Kerstmis is alles zo anders
alles is zo veranderd
mensen zijn blij
mensen laten deuren op kieren
zodat iedereen met elkaar kerstmis kan vieren
maar wat als dat nu niet zo zijn
dan is Kerstmis toch niet meer fijn
dan is Kerstmis niet meer speciaal
en wordt Kerstmis misschien een verhaal
— Shirleyke
Kerstmis komt langzaam eraan
Het begint langzaam aan te komen
Stilletjes komt het er weer aan
Het worden langzaam witte bomen
Kerstmis komt langzaam eraan
Iedereen zet hun kerstboom op
Iedereen is vroeg op de been
Iedereen is blij en zingt volop
En niemand is meer alleen
Er wordt een groot feest gebouwd
Op tafel is er veel lekker eten
Buiten wordt het heel erg koud
En de kerstman mag niet worden vergeten
Zonder hem is er geen kerst mis
Er komt dan ook geen speelgoed
Alles gaat dan erg mis
En dat is dan weer niet goed
In Betlehem wordt dan ook een kind geboren
Er staat daar een hele lange rij
Misschien is daar alles bevroren
Maar toch is er iedereen bij
De ezel en een os
De lammetjes en de schapen
Liggen allemaal op het mos
En de kleine ligt in zijn kribbe te slapen
Dan vieren wij hier ons feest
De gezelschap die rond de familie hangt
De pastoor die dan een verhaaltje voorleest
Dat is waar iedereen nou naar verlangt
Op het smetteloos wit
Op het smetteloos wit
voor mij het met
sneeuw bedekte dal
een vage droom
van arrenslee en dennengroen
de sfeer van toen
een klare lucht
met heldere ster
maar achter mij
bourgondisch feestgedruis
uit het fel verlichte huis
waar kerst in overdaad
op tafel staat
zij schuiven aan
al licht verhit snel knoeiend
op het smetteloos wit
ben niet terug gegaan
maar blijven staan
wist dat het kind zou komen
weer op dezelfde plaats
waar de ster nu staat te dromen
— Wil Melker