Sinterklaasgedicht: ‘Pakjesavond’
Dan denk ik aan 't konijntje, dat ik zag Als kind vóór Sint Niklaas achter het glas Van dure speelgoedwinkel. O! dat was Zo'n prachtig beestje, grijs en wit; het lag
Gezellig in zijn mandje in mooi-groen gras; En als 'k van school kwam, bleef ik iedre dag Staan kijken, bang, dat 't weg zou zijn. En, ach! Eens was het weg: en toen begreep ik pas,
Dat ik toch heimlijk steeds was blijven hopen, dat ik 't zou krijgen. Thuis heb 'k niet gepraat Over 't konijntje, maar 'k wou niet meer lopen,
Omdat 'k dan huilde, aan die kant van de straat. Nu zou 'k me zo'n konijntje kunnen kopen, Maar ik word zelf al grijs. Want alles komt te laat.
— Johan Andreas Dèr Mouw (geboren in 1863, overleden in 1919)
Vind je dit gedicht mooi? Geef het een hartje.
Meer sinterklaas gedichten
Sint heeft zich een bult gezocht.
Tenslotte heeft hij dit gekocht.
Hij hoopt dat je het aardig vindt.
De groeten van de Goede Sint.
Sinterklaas bestaat als je dat wilt
Oh, het diepste verlangen
weer kind te mogen zijn.
Met grote ogen te kijken
naar het ‘Sinterklaasjournaal’.
In bed liggen dromen van
Pieten bij de voordeur.
Zou er morgenochtend
misschien? Misschien
een boek van mijn lijstje?
Of toch die DVD? De enige
die dat weet is Sinterklaas.
En of die wil bestaan?!
— Jan de Bas - Onder de titel ‘Sinterklaas bestaat als u dat wilt’ bundelde Jan de Bas in 1993 een aantal columns over het sinterklaasfeest.
De Sint kocht chocoladeletters,
voor iedereen zijn eigen initiaal.
Maar onderweg kreeg hij wat trek...
vandaar een halve — grapje: hier, helemaal.
De slechte dichter
Ik ben slecht in gedichten schrijven,
Maar toch heb ik dit uit mijn bolletje zitten wrijven.
Ik ben een hele speciale Piet,
Nee, mijn gedichten vergeet je niet.
Ik ben net begonnen met studeren,
Om gedichten maken te leren.
Natuurlijk valt dat niet mee,
Maar ik heb altijd wel een idee.
Wat ieder kind ook heeft gekregen,
Ik weet wel een gedicht ook al word ik wel eens verlegen.
Nou dit was dan mijn gedicht,
Waarmee ik jou heb ingelicht.