Wat ik je toewens meisje lief:
een lang, gelukkig leven
Omringt door mensen die oprecht
en heel veel om je geven
Poëziealbumversjes voor een kind – pagina 5
12 appelbomen in de zomerzon
7 viooltjes op het balkon
14 sproetjes op je wang
2 kussen in de gang
4 witte druiven in de lucht zo blauw
en 24 rozen voor het meisje waar ik van hou
Varen op de levenszee
lieve kind, dat valt niet mee
't kan er vaak regenen, stormen en waaien
je gaat soms bijna naar de haaien
...(naam)... meid, vaar recht door zee
dan heb je steeds de wind wel mee
Als het werk niet vlotten wil
laat je hoofdje dan niet hangen
maar probeer het nog een keer
en eens weer
tot je een blos krijgt op je wangen
't spreekwoord zegt: "wie aanhoudt wint"
doe ernaar, mijn lieve kind
Denk ik aan ...(naam)..., dan hoor ik haar lach
Dan zie ik haar snoetje
Dat lief, guitig toetje
En ben ik blij dat ik van haar houden mag
Een mooie jurk, een fleurig lint
staan o zo keurig, lieve kind
Maar het mooiste dat een meisje past
vind je in geen enkele kast
't Is een zonnig, vriendelijk gelaat
waarop tevredenheid te lezen staat
...(naam)... is een leuke meid
die nooit haar tanden poetst op tijd
maar een ding doet ze wel erg goed:
het poederen van haar leuke snoet
In mijn gedicht geen wijsheid
geen massa's goede raad
Omdat ik vind, lief meisje
dat zoiets te plechtig staat
Ik wens je liever voorspoed
geluk en zonneschijn
Waarbij verdriet en zorgen
twee onbekenden zijn
Wees tevreden in het leven
Bij geluk en tegenspoed
Weet steeds aan anderen te geven
Puttend uit een blij gemoed
Vaak zal dat eenvoudig zijn
Soms, dan gaat het ook met pijn
Maar weet je wat ik er eigenlijk van vind
Blijf maar altijd ergens KIND!
Al ben ik niet de eerste
die in jouw album schrijft
Al ben ik niet zo'n meisje
dat altijd aardig blijft
Al maak ik wel eens fouten
en krijg ik nooit een tien
Toch blijf ik innig wensen
jou nog heel lang te zien
....(naam).... zat weer eens te dromen
met een heel klein stompje krijt
En de meester die het gezien had
vroeg toen aan die kleine meid:
....(naam).... wie heeft de lucht geschapen
de zon, de sterren en de maan?
....(naam).... die van schrik begon te huilen zei toen:
ik, ik heb het heus niet gedaan!
Schoon is de bloem van de lente
Haar schoonheid is het pad van de jeugd
Maar het schoonste dat een meisje kan wensen
Is eenvoud, zachtheid en deugd
Spelen is heel prettig
leren wel eens naar
Mooi en lelijk krijg je
altijd door elkaar
Als je je maar flink houdt
ook bij narigheid
Dan word je vast geen sukkel
maar een flinke meid
Sprokkel kind, de kleine dingen
van je leven trouw bijeen:
bloemen, schelpen, bonte steentjes
Sprokkel en vergeet er geen
loop het goede in je leven
in je haast toch niet voorbij
kleine takjes geven warmte
kleine dingen maken blij!
In dit mooie versjesboek
kom ik even op bezoek
want voor ...(naam)... uit mijn klas
komt een versje wel van pas
daarom zeg ik, beste meid
maak van deze klas een fijne tijd!