Honderd kleine haasjes
Er huppen honderd kleine haasje
met een mandje in het rond
en ze leggen waar ze komen
steeds een eitje op de grond
Bij de vijver, bij het schuurtje
op het gras en bij de heg
maar als ze mensen aan zien komen
rennen alle haasjes weg
Honderd kleine lieve haasjes
met een mandje op hun rug
en zijn de mensen weer verdwenen
komen alle haasjes terug.
— Marianne Busser & Ron SchrΓΆder
Vind je dit gedicht mooi? Geef het een hartje.
Meer pasen gedichten
Haasje Langoor, niet meer zeuren
want je moet nu gauw gaan kleuren
alle eitjes, het zijn er veel
moet je kleuren met paars en geel
en dan een blauw, en nog een groen
alle eitjes moet je doen!
want ieder kindje in het land
wil een eitje uit jouw mand
Eitjes zoeken in de tuin,
de slingers aan de muur:
Pasen is een vrolijk feest β
geniet van elk gezellig uur.
De narcissen staan te knikken,
het voorjaar kleurt weer geel.
Fijne paasdagen gewenst:
van het lentelicht krijg je nooit te veel.
De paashaas is langs geweest,
hij hupste door het gras.
Hij liet dit kaartje achter:
omdat jij zo'n lieverd was.