Wees zacht als een roosje
En ijverig als een bij
Dan maak je je moeder
En ook je vader heel blij
Poëziealbumversjes – pagina 11
Ik zag een aardig roosje
En plukte het voor jou
Zodat je na een poosje
Nog eens aan mij denken zou
Als hevige storm en regenvlagen
Langs sombere luchten jagen
Bedenk dan, hoe donker het ook mag zijn
Na regen komt toch weer zonneschijn
Bij de bakker op de hoek
stond een hele grote koek
...(naam)... wilde hem gaan halen
maar ze kon hem niet betalen
Je ziet wel aan mijn pen
Dat ik geen notaris ben
Maar toen ik begon
Heb ik gedaan wat ik kon
Ik heb een wens
een enkele maar:
We houden ons hele leven
steeds veel van elkaar
Laat je niet verslaan
Pak met optimisme
moeilijkheden aan
Kom, laat je niet kisten
laat je niet verslaan
Laat je kommer en zorgen
Als het kan rusten tot morgen
Blijf bovendien altijd goedgezind
Dan houd je iedereen tot vrind
Een steen is soms vierkant
Maar de aarde is rond
Lieve ....(naam)....
Blijf altijd gezond!
Schoon is de bloem van de lente
Haar schoonheid is het pad van de jeugd
Maar het schoonste dat een meisje kan wensen
Is eenvoud, zachtheid en deugd
In een poezie hoort een praatje
In een poëzie hoort een praatje
Maar dat valt soms echt niet mee
Ha, nu heb ik wat gevonden:
Leef lang, gelukkig en tevree
Eerder zal een muis een leeuw verslinden
Eerder zal een kat de klok opwinden
Eerder viert men in de kerk een bal
Dan dat ik jou vergeten zal
Ik wil wat in je poezie schrijven
Maar ik weet niet wat
Zullen we vriendinnen blijven?
Hoe bevalt je dat?
Op dit witte blaadje
Schrijf ik geen vervelend praatje
Alleen maar een hartelijke wens:
Word een echt gelukkig mens
Bij de bakker om de hoek
Stond een hele grote koek
...(naam)... wilde die gaan halen
Maar ze kon hem niet betalen