Overlijdensgedicht kind: ‘Hoe werd naar je komst uitgekeken’
Daphne
Hoe werd naar je komst uitgekeken
Wat was iedereen trots...wilde je verwennen
Nu is echter gebleken
Dat we je niet écht hebben mogen leren kennen
Geen 4 maanden heb je
ons met je aanwezigheid mogen verblijden
Een hel voor een ieder die zo dichtbij staat
Nu zijn we je afscheid aan het voorbereiden
Geen pil...... geen helende hand heeft gebaat
Geen woord heb je tot ons kunnen richten
Je blik en glimlach alleen waren al voldoende
Om onze zielen te verlichten
In alle droefheid zien we toch hetgeen ons
verzoende
De liefde voor al het leven
De liefde het leven te laten
En dan weer heel even
Relativeren..... afzien van resultaten
In onze harten je naam gegrift
Zullen je bestaan nooit ontkennen
Herinneren, je geboorte als gift
Aan jouw afscheid wellicht nooit wennen
Papa en Mama, Opa's en Oma's... ieder die je
lief heeft zit hier
En jij... omsloten door onze liefde... ligt daar
Eigenlijk heel eenzaam en alleen... ik krijg het
moeilijk op papier
Wij moeten door... maar jij bent al klaar
— Béla
Meer overlijden kind gedichten
De baby's waar ik nu mee speel
De baby's waar ik nu mee speel
die wonen in een luchtkasteel
het is heel hoog
het is heel ver
tussen zon en avondster
nog verder dan de regenboog
de wolkenlift bracht mij omhoog
's Morgens naar het ziekenhuis
Lieve Jesse
's Morgens naar het ziekenhuis vol van geluk
even later de realiteit: je leven is stuk
Zo dichtbij en toch zo ver weg
zo trots op Yvonne en mijn mannen
Lester en ik hadden zo graag met je willen
voetballen
Dag klein "halfie", het ga je goed
Papa
— Jeroen Half
Ik hou van jullie
Ik hou van jullie
maar ik ben zo moe
ik ga naar de sterretjes toe
'k Hield vast omsloten in mijn hand
'k Hield vast omsloten in mijn hand
een schone edelsteen
zo zuiver en zo schitterend
vond ik er nimmer een
Het was mijn eigendom, mijn schat
geschenk van God de Heer
geen ander die 't bewaken zou
zo liefdevol en teer
Doch zie daar vroeg op zek're dag
de meester mijn juweel...
ik smeekte Hem: "ach Vader, nee!
dat niet, dat is teveel!"
Toen sprak de Heer zacht tot mij:
"ik doe het uit liefde, kind
opdat gij eenmaal in mijn kroon
het schoner wedervindt"
"Ach Heer, 't is mijn grootste schat
mijn wondere diamant
ik zal er trouw voor zorgen Heer
met liefdevolle hand"
"Dat weet ik" sprak des Vaders stem
"maar als men rooft uw steen?"
geen dief heeft ooit de drempel van
mijn woning overschreen
En waar uw dierbaar kleinood is
daar zal ook uw hart zijn
uw schat is slechts voorgegaan
en straalt in zonneschijn
God sprak - mij trof een diepe blik
vol deernis, mild en zacht -
toen heeft Hij stil mijn kostbare schat
in veiligheid gebracht
In 't vale morgenlicht
stond ik, verblind van smart
en drukte toen de lege doos
zacht schreiend aan mijn hart
Toch sprak ik: "Vader ik vertrouw
op Uw onfeilbaar Woord:
ik weet dat nu mijn liefste bezit
ons beide toebehoort!"
— ingezonden door Sonja Bazelmans